Om grip te krijgen op energieverbruik, moet je eerst weten waar je energie precies naartoe gaat. Een standaard energiemeter bij de netaansluiting laat het totale verbruik zien, maar niet welke processen, installaties of afdelingen de grootste verbruikers zijn. Daar komen tussenmeters, onderbemeting en sensoring in beeld.
Tussenmeters: inzoomen op energieverbruik
Tussenmeters zijn extra meters die op specifieke plekken in een gebouw of installatie worden geplaatst. Ze meten het verbruik per machine, afdeling of proces. Dit helpt je om te ontdekken waar verspilling plaatsvindt en waar je kunt besparen. Bovendien is het handig als je (een deel van) je pand verhuurt. Denk aan:
- Een fabriek kan per productielijn meten hoeveel energie wordt verbruikt.
- Een kantoor kan per verdieping inzicht krijgen in stroomverbruik.
- Een logistiek centrum kan per koelinstallatie meten of er afwijkingen zijn.
- Een verhuurder van een pand weet precies welke huurder hoeveel stroom verbruikt en kan dit zo goed doorbelasten.
Onderbemeting: meten waar je nog geen inzicht hebt
Soms zijn er delen van een gebouw of installatie die nog helemaal niet apart worden gemeten. Dit heet onderbemeting. Door op strategische plekken extra meters te plaatsen, worden deze ‘blinde vlekken’ inzichtelijk. Bijvoorbeeld:
- Een bedrijf weet het totaalverbruik, maar niet hoeveel energie de verlichting verbruikt.
- Een fabriek meet de hoofdaansluiting, maar heeft geen zicht op het verbruik per machine.
- Een datacenter wil weten of bepaalde racks veel meer stroom vragen dan andere.
Sensoring: realtime data voor slim energiebeheer
Naast tussenmeters en onderbemeting kunnen bedrijven ook sensoren inzetten om meer grip te krijgen op hun energieverbruik. Sensoring gaat een stap verder: dit zijn geavanceerde sensoren die continu data verzamelen over energieverbruik, temperatuur, luchtvochtigheid, CO₂-uitstoot en andere factoren.
Deze data kan worden gekoppeld aan slimme software, waardoor bedrijven:
- piekverbruik in real-time kunnen signaleren;
- energieverspilling direct kunnen aanpakken;
- en automatisch kunnen bijsturen op basis van meetgegevens.
Hoe werken deze technieken samen?
Tussenmeters, onderbemeting en sensoring vullen elkaar aan. Een bedrijf kan bijvoorbeeld starten met tussenmeters om het energieverbruik per afdeling in kaart te brengen. Vervolgens kan onderbemeting helpen om nog verfijnder te meten op detailniveau. Sensoring voegt daar realtime inzicht aan toe, zodat energieverbruik niet alleen wordt gemeten, maar ook geoptimaliseerd.
Combineer deze technieken slim, en je krijgt volledige controle over je energiehuishouding. Waarom dat zo belangrijk is? In het volgende hoofdstuk bespreken we welke voordelen het oplevert.